Wondbehandeling in de epithelialisatiefase

Wondbehandeling in de epithelialisatiefase

Goed gevormd granulatieweefsel, dat de epitheelcellen een vochtig glijvlak biedt, is de voorwaarde voor mitose en migratie van epitheelcellen. Als belangrijkste taak moet het verband derhalve ook in de epithelialisatiefase de wond vochtig houden. Ook in dit geval is het hydrocellulair gelverband Hydrosorb bijzonder geschikt evenals het hydrocolloïdverband Hydrocoll thin, dat speciaal is ontwikkeld voor epitheliserende wonden.

Een ulcus met goede genezingstendens is te herkennen aan epithelialisatie vanuit de ulcusrand of aan de steeds groter wordende epitheeleilandjes die zich in de vorm van vlakken over de ulcusbodem verspreiden.

Door bepaalde lokale therapeutica, die overmatige korstvorming van het ulcus veroorzaken, kan echter sprake zijn van een ‘schijngenezing’. Deze korstlagen kunnen meestal eenvoudig worden losgemaakt van de ulcusrand. Ook het daaronder liggende gelige beslag moet worden verwijderd. Pas dan kan het op deze wijze gereinigde ulcusoppervlak prognostisch worden beoordeeld.

Door het vaak langdurige genezingsverloop hebben de wondranden van chronische ulceraties soms de neiging tot epithelialisatie en instulping. Aangezien in dat geval vanuit de wondrand geen verdere epithelialisatie kan plaatsvinden, is het raadzaam de wondranden met een scalpel of een scherpe schaar ‘op te frissen’.

Ulcus met huidtransplantatie (mesh graft 1:1,5).

In principe hebben veneuze ulcera, net als alle chronische wonden, soms een slechte tendens tot spontane epithelialisatie. Indien de wondbodem voldoende geconditioneerd kon worden, moet in deze gevallen vooral bij grotere wondoppervlakken een wondsluiting in overweging worden genomen door huidtransplantatie (‘mesh graft’) of Reverdin-plastiek.

Bij de Reverdin-plastiek vormen de op de granulatie aan-gebrachte huidlappen eilandjes, waar vanuit de epithelialisatie kan plaatsvinden. Een andere mogelijkheid is eventueel de transplantatie van autologe en in-vitrogekweekte keratinocyten. Dergelijke keratinocytenculturen ontstaan door keratinocyten uit een huiddeel van de patiënt te isoleren.

Therapieresistente ulcera

Als het ulcus ondanks alle inspanningen niet geneest, moet de behandeling worden herzien. Onderstaande punten moeten ertoe bijdragen de mogelijke oorzaken voor therapieresistente ulcera te verklaren:

  • Wordt de compressietherapie adequaat uitgevoerd?
    Evt. verandering van wissel- naar duurzaam verband,
    versteviging van de compressie, enz.
  • Is er sprake van arterieel-veneuze ulcera?
  • Doppler-ultrageluidonderzoek naar de perifere doorbloeding,evt. aanvullende angiografische diagnostiek.
  • Bij hoge bloeddruk (ulcus van Martorell!): hypertensie behandelen.
  • Is er sprake van latente of gecompenseerde rechterhartinsufficiëntie (oedeem aan het gezonde been)?
  • Extra afvoerstoringen door secundair lymfoedeem?
  • Artrogene stuwing bij knie- of heupartrose?
  • Tekort aan beweging (‘zitten en staan is slecht, liever lopen of liggen’, adipositas)?
  • Is er sprake van erysipelas, een mycotische en/of bacteriële superinfectie (klinisch beeld)?
  • Ulceratie van andere oorsprong?
  • Hardnekkig secundair eczeem: allergietest.
  • Slecht behandelbare diabetes mellitus (HbA1c bepalen).